Vier soorten telefoongebruikers in de trein

Appen, swipen en telefoneren. Het smartphone gebruik in het openbaar vervoer kan nog wel eens voor opmerkelijke situaties zorgen. Er zijn veel verschillende soorten ‘met-mijn-telefoon-in-de-trein’-mensen. Je hebt het ‘oke’-volk, de ‘meelezers’, de ‘spiegels’ en de ‘vleeskeurders’.

Het ‘oke-volk’

Dit zijn de mensen die een telefoongesprek zo ongelofelijk inhoudsloos kunnen maken dat het gewoon knap is. “Oke.” “Hmhm”. “Ja”. “Oke”. Bij een van de leden van dit volk bevond ik mij deze week in de trein. Het was een man van rond de 60, verscholen achter een bril met gouden randjes en grote glazen, zo eentje die niet stijlvol was bij aanschaf, maar inmiddels weer helemaal in is. Tien minuten na het plaatsnemen in de trein, begint zijn telefoon te rinkelen. Hij neemt op: “Hallo.” Het hiernavolgende gesprek duurt de rest van zijn treintijd en bestaat enkel en alleen uit zes ‘oke’s’. Gelukkig, als klap op de vuurpijl, is zijn afsluiter vernieuwend. Zonder te aarzelen klinkt toch echt een zeer overtuigde: “Okidoki!”.

De ‘meelezers’

De betekenis van de groep van de ‘meelezers’ spreekt voor zich. Gister wist een man het zo ver te schoppen dat hij, in zijn nietszeggende bruine jas, volledig voorovergebogen mee kon lezen met de vrouw VOOR hem. De stoel tussen hen in wist hem niet te stoppen. De verontwaardigde gezichten om hem heen ook niet. No shame.

 

De ‘spiegels’

Dan heb je de ‘spiegels’. Deze mensen weten met hun gezichtsuitdrukking PRECIES weer te geven wat zij op hun telefoon te zien krijgen. De pruiloogjes van de vrouw voor me schreeuwen kattenfilmpjes. De verontwaardigde verbazing rechts van me laat me, bijna in detail, de goal van Duitsland zien.

 

De ‘vleeskeurders’

Als laatste zijn daar nog de ‘vleeskeurders’. Deze behoeven iets meer uitleg. Tegenover me zitten twee jongens. Ze zijn een jaar of 4 jonger dan ik en hebben beiden hun mobiele devices in de aanslag. De jongen recht tegenover me draagt schoenen waar je “U” tegen zegt, van die immens dure, waarbij het strikken van je veters not-done is. Zijn nestels bungelen dan ook triomfantelijk boven de treinvloer.

Als ik beter kijk, zie ik dat beide jongens op dezelfde manier met hun telefoon bezig zijn. Beide lachend. Eerst denk ik dat ze met elkaar in gesprek zijn. Zo’n gesprek die de rest van de trein niet mag horen. Over een lelijke jas of een domme actie van een ander. Maar dan besef ik me dat smoezen via de app waarschijnlijk een vrouwen-dingetje is.

Het valt me op dat ze alleen hun rechterduim gebruiken. Naar links. Naar rechts. Even laten zien aan de ander, een knikje ter bevestiging, naar rechts. Het kwartje valt dat deze jongens niet aan het smoezen zijn, maar hard aan het werk om hun eigen romantische ontmoeting in de trein te creëren. Zodat ze later kunnen zeggen: “Romantisch hè kinders, mama en ik hebben elkaar in de trein ontmoet! Ik gaf haar mijn superlike en we bleken een match!” De liefde van de toekomst.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.